Onderdelen inrichten
Een toernooi bestaat uit onderdelen, en een onderdeel is waar iemand zich voor inschrijft. Hier lees je wat er bij het onderdeel hoort, en wat er per sport anders aan is.
Een onderdeel aanmaken
Bij het evenement horen de naam, de speeldagen en de locatie. Bij het onderdeel horen het inschrijfgeld, het aantal plekken, de sluitingsdatum, de wedstrijdvorm en de manier van tellen, want binnen één clubkampioenschap kost heren dubbel iets anders dan de jeugdpoule en wordt er ook anders gespeeld. Zes stappen: de eerste twee duren een minuut, de laatste twee bepalen hoe je toernooi eruitziet.
- 1
Kies de discipline
De discipline bepaalt wie er één deelnemer is: enkelspel, dubbel, een team van zeven, een estafette. Staat jouw vorm er niet bij, dan voeg je er zelf een toe onder je organisatie en gebruik je die daarna opnieuw.
- 2
Geef het een naam
PlayTour stelt een naam voor uit de discipline en de voorwaarden die je kiest, bijvoorbeeld Heren dubbel 40+. Overschrijf die gerust: deze naam komt in de zoekresultaten en op het inschrijfformulier te staan.
- 3
Bepaal wie mag meedoen
Hier leg je geslacht, leeftijd, speelsterkte of een andere klasse vast. Wat je openlaat, legt niets vast: dan mag iedereen zich inschrijven. PlayTour laat alleen deelnemers toe die aan de voorwaarden voldoen.
- 4
Stel de inschrijving in
Minimum, maximum, wachtlijst, inschrijfgeld en sluitingsdatum. Het minimum is het aantal waaronder het onderdeel niet doorgaat. De sluitingsdatum mag eerder liggen dan die van het evenement.
- 5
Kies de wedstrijdvorm
Hoe wordt één wedstrijd gewonnen? Twee gewonnen sets, eerst bij elf punten, best of vijf legs. PlayTour vult het sjabloon van de sport in, en per onderdeel wijk je daarvan af als jullie het anders doen.
- 6
Kies de indeling
Wat gebeurt er met het hele veld? Poules, een afvalschema, allebei achter elkaar, een Zwitsers systeem of een massastart. Zonder gekozen indeling valt er niets te loten, want er is nog geen schema om deelnemers over te verdelen. Kies hem dus zodra je weet hoe je wilt spelen, ook als de inschrijving nog openstaat; wijzigen kan zolang er niet geloot is.
Zo staan je onderdelen op het scherm
Eén toernooi, een rij onderdelen, en per onderdeel de keuzes die je hierboven gemaakt hebt.
Elk onderdeel met zijn eigen prijs, plekken en vorm
Heren dubbel in een afvalschema en een gratis jeugdpoule zijn twee regels onder hetzelfde toernooi. Het inschrijfgeld, de capaciteit en de wedstrijdvorm staan naast elkaar, dus je hoeft niet elk formulier open te klikken om te controleren wat je hebt ingesteld.
- Inschrijfgeld en aantal plekken per onderdeel
- De gekozen wedstrijdvorm naast de naam
- Zoveel onderdelen onder één toernooi als je nodig hebt
De indeling: hoe het veld verdeeld wordt
Vijf vormen, en je mag ze achter elkaar zetten. Poules met daarna een afvalschema voor de bovenste twee van elke poule is één onderdeel met twee fases.
De vijf vormen
- Poule: iedereen speelt tegen iedereen in zijn poule. Jij kiest het aantal poules en hoeveel er per poule doorgaan.
- Knock-out: één keer verliezen en je ligt eruit. Het hele schema wordt vooraf geloot.
- Dubbele knock-out: wie verliest, zakt naar het verliezersschema en speelt door. Pas na twee nederlagen lig je eruit.
- Zwitsers systeem: een vast aantal rondes, elke ronde tegen iemand die er net zo voor staat. Niemand valt af. Jij geeft het aantal rondes op.
- Massastart: geen tegenstanders. Iedereen begint tegelijk en de volgorde van binnenkomst is de uitslag.
Wie er één deelnemer is
- Individueel: één persoon. Enkelspel, de tien kilometer, een schaakpartij.
- Koppel: precies twee mensen die samen inschrijven en samen als één deelnemer tellen.
- Team: een ploeg met een naam, een selectie en wissels.
- Ploeg: een vaste bezetting van een boot of voertuig, soms met een stuurman die zelf niet meetelt.
- Estafette: de leden komen om de beurt, elk voor één deel.
- Combinatie: een deelnemer die uit ongelijke delen bestaat, zoals een paard en zijn ruiter.
Waarop je een onderdeel mag afbakenen
- Geslacht: heren, dames, gemengd of open.
- Leeftijdsklasse, afgezet tegen een peildatum: de speeldag, 1 januari, 31 december of alleen het geboortejaar.
- Gewichtsklasse, met een weging die iemand ook niet kan halen.
- Speelsterkte: een band op een ratingschaal, bijvoorbeeld KNLTB 5 of LK 11 tot en met 14.
- Materiaal of stijl: recurve, compound of barebow; floret, degen of sabel.
- Paraklasse, die verloopt en periodiek herzien wordt.
- Ervaring, gemeten in een aantal: beginner onder de vijf partijen, daarna open.
Per as geef je hoogstens één antwoord, zodat een onderdeel nooit tegelijk heren en dames kan zijn. Je mag wel een reeks klassen samenvoegen, bijvoorbeeld niveau 3 tot en met 5 in één poule.
De telling: hoe één wedstrijd gemeten wordt
Negen manieren, en samen dekken ze alle sporten op PlayTour. Je kiest er één per onderdeel, en daarmee kloppen de uitslagen en de standen vanzelf, zonder dat er iets per sport ingebouwd hoeft te worden.
De negen manieren van tellen
- Punten optellen: beide kanten scoren door elkaar heen tot de tijd om is of het doel gehaald. Voetbal, basketbal, handbal, waterpolo, jeu de boules, curling.
- Sets en games: de wedstrijd wordt gewonnen door de meeste gewonnen delen, niet door het hoogste totaal. Tennis, badminton, squash, tafeltennis, volleybal, darts.
- Aftellen tot nul: darts 501, waar ook de laatste worp nog moet kloppen en te veel scoren bust is.
- Tijd: de snelste wint. Hardlopen, zwemmen, roeien, tijdritten, alpineskiën. Eén wedstrijd kan honderden deelnemers bevatten.
- Afstand of hoogte: de beste poging telt en de rest is geschiedenis. Werpen, springen, gewichtheffen, klimmen.
- Jurycijfers: een panel geeft cijfers en een vaste regel maakt er één score van. Turnen, schoonspringen, dressuur, schansspringen, freestyle, skateboarden, surfen.
- Klassering: de plek waarop je finisht levert punten op. Zeilen, motorcross, speedway, BMX, wielrennen op de weg.
- Ten opzichte van par: slagen per hole, met slagindex en handicap. Golf en discgolf.
- Beslissende actie: wie wint, en hoe de partij eindigde. Judo, karate, boksen, worstelen, MMA.
De lengte van een wedstrijd stel je er los van in: best of vijf sets, eerst bij elf punten, drie pogingen, achttien holes. PlayTour vult het sjabloon van de sport in en jij wijkt af waar jullie het anders doen.
Vragen per onderwerp
Prijs, plekken en sluiting
Kan elk onderdeel een eigen inschrijfgeld hebben?+
Ja, en gratis mag ook. Daarom staat er op de evenementenlijst geen prijs bij een toernooi: er is er zelden maar één.
Wat betekent per inschrijving of per deelnemer?+
Bij per inschrijving betaalt een koppel het bedrag één keer. Bij per deelnemer betaalt ieder van hen het. Voor een dubbelonderdeel van tien euro scheelt dat precies tien euro.
Waar is het minimum voor?+
Dat is het aantal waaronder het onderdeel niet doorgaat. Handig bij een categorie die jullie graag willen proberen maar waar misschien te weinig animo voor is.
Hoe werkt de wachtlijst?+
Zit het onderdeel vol, dan komen verdere inschrijvingen op de wachtlijst, tot het aantal dat je daarvoor opgeeft. Trekt iemand zich terug, dan schuift de eerste op de lijst door en krijgt bericht.
Kan een onderdeel eerder sluiten dan het evenement?+
Ja. Later heeft geen zin, want dan sluit de inschrijving van het evenement al. Geef je niets op, dan volgt het onderdeel de sluitingsdatum van het evenement.
Wie mag er meedoen
Hoe beperk ik een onderdeel tot heren van 40 jaar en ouder?+
Zet de as geslacht op heren en de leeftijdsklasse op 40 en ouder. PlayTour laat alleen deelnemers toe die eraan voldoen, en de voorwaarden staan ook voor de deelnemer zichtbaar bij het onderdeel.
Wat als ik een voorwaarde leeg laat?+
Dan legt die niets vast en mag iedereen zich inschrijven. Een onderdeel zonder voorwaarden is gewoon een open onderdeel.
Kan ik twee niveaus samenvoegen?+
Ja. In plaats van één klasse geef je een reeks op, bijvoorbeeld niveau 3 tot en met 5. Dat is precies wat een sportvereniging doet als er voor één niveau te weinig inschrijvingen zijn.
Hoe wordt de leeftijd van iemand bepaald?+
Met de peildatum die bij de leeftijdsklasse hoort. Dat kan de speeldag zijn, 1 januari, 31 december of alleen het geboortejaar. Bonden verschillen hierin, en voor iemand die in december geboren is scheelt het echt.
Hoeveel onderdelen mag één deelnemer doen?+
Dat stel je bij het evenement in en niet bij het onderdeel, want het gaat over de persoon en niet over de categorie. Zo voorkom je dat iemand zich voor vijf dingen inschrijft die op dezelfde dag gespeeld worden.
Indeling en telling
Kan ik poules en een afvalschema combineren?+
Ja, dat is de gewoonste opzet. Je kiest het aantal poules en hoeveel er per poule doorgaan, en per poule mag je van dat aantal afwijken. Naast het hoofdschema kun je een troostschema zetten, gevuld met de verliezers van een ronde die jij aanwijst. Kies de ronde vlak voor de finale en je hebt de wedstrijd om de derde plaats.
Kan de finale anders geteld worden dan de poules?+
Ja. Je legt de telling vast op het onderdeel en wijkt daarna per fase, poule of ronde af. De poules 301 best of five en de finale 501 best of seven is één onderdeel met twee afwijkingen.
Kan ik de indeling later nog wijzigen?+
Zolang er niet geloot is wel. Is er al geloot, maak die loting dan eerst ongedaan. Zodra er gespeeld is kan het niet meer, want dan zouden uitslagen bij een schema horen dat niet meer bestaat.
Mijn discipline staat niet in de lijst+
Dan voeg je hem zelf toe onder je organisatie. Je legt één keer vast hoe hij heet en uit hoeveel mensen een deelnemer bestaat, en daarna staat hij in je eigen lijst voor elk volgend toernooi.
Hoe geef ik startnummers uit?+
Per onderdeel, op volgorde van inschrijving, door loting of op plaatsing, beginnend bij het nummer dat jij kiest. Een uitgegeven nummer blijft staan, ook als iemand zich terugtrekt, zodat een uitslag naar dezelfde persoon blijft wijzen.
Verder lezen
Evenement aanmaken
De stap ervoor: club, vrijwilligers, data, locatie, inschrijfperiode en publiceren.
Banen toewijzen
Vastleggen op welke banen, tafels of borden een onderdeel speelt.
Loting en speelschema
Plaatsen op speelsterkte, loten per onderdeel en het speelschema maken.
Hulp bij organiseren
Het overzicht van begin tot eind, met de vragen die het vaakst gesteld worden.
Richt je onderdelen in
Eén evenement, zoveel onderdelen als je nodig hebt, elk met zijn eigen inschrijfgeld, veld en manier van spelen.
